Historie van het Severijn-orgel.
1625-1650
Periode gedurende welke het orgel moet zijn gebouwd, voor een kerk te Luik, waarschijnlijk die van de Benedictijner Abdij Saint Laurent. Hoewel archivalisch bewijs ontbreekt wijzen de inscripties en de factuur van het pijpwerk duidelijk naar Andries Severijn (c1600 Maastricht – 1673 Luik), de belangrijkste orgelmaker in de Luikse regio van de zeventiende eeuw. Het was oorspronkelijk opgezet als een eenmanualig instrument zonder pedaal. Positief, Echo en Pedaal werden iets later, maar nog steeds door Severijn zelf, toegevoegd.
1803
Het orgel, dat na de sluiting van de Luikse kloosters in 1796 was vrijgekomen, werd gekocht door de Sint-Martinusparochie van Cuijk. Het werd aldaar geplaatst door de Nijmeegse orgelbouwer Peter Torley en op 23 Mei 1804 ingewijd.
1827
De gebroeders Smits uit Reek werken voor de eerste keer aan het orgel. Het onderhoud bleef in handen van deze dynastie van 1827 tot 1860 en opnieuw van 1906 tot 1926, waarbij diverse wijzigingen werden doorgevoerd.
1861
L. Smits uit Cuijk (niet verwant aan de Reeker Smits-familie) verwijderde de kas van het Positief en plaatst de lade en pijpwerk daarvan onderin de hoofdkas, zodat meer plaats voor het koor vrijkomt.
1913
Het orgel werd overgeplaatst in de nieuwgebouwde Sint-Martinuskerk door de gebroeders Smits (Reek). Het werd tegen de noordwand van het westbalkon geplaatst, opnieuw om het koor genoeg plaats te geven. Gedurende deze operatie werd het instrument opnieuw gewijzigd en het Pedaal en Echowerk verwijderd.
1927
De geboeders Vermeulen (Weert) voegen een nieuw pneumatisch pedaal en drie nieuwe registers toe.
1955
Eerste restauratie door de bouwer L. Verschueren (Heythuijsen) waarbij het orgel centraal op het westbalkon werd opgesteld. De dispositie werd in barokke zin veranderd, naar de standaard en de kennis van die tijd.
1992
Een tweede, grondige restauratie en reconstructie van het instrument naar zijn originele staat werd afgesloten, eveneens door Verschueren. Het bewaardgebleven pijpwerk werd gerestaureerd, ontbrekende pijpen en registers gereconstrueerd. Echo en Pedaal werden nieuw gebouwd en de kas van het Positief gereconstrueerd (die daarmee op zijn oorspronkelijke plaats terugkeerde) en een nieuw windsysteem met drie spaanbalgen werd geïnstalleerd.
|